Slimmer reizen
Bij “slimmer reizen” wordt het fysieke reizen beperkt tot het hoogst noodzakelijke en worden “groene” vervoersmiddelen gestimuleerd. Onder “reizen” verstaan we in dit verband zowel het woon-werk verkeer, als zakelijke reizen naar een klantbestemming, als zakelijke reizen vanwege bedrijfsinterne redenen (bezoeken aan vestigingen, overleggen etc.).
Aandachtspunten
- Hoewel er in de praktijk niet veel gebruik van wordt gemaakt verzet de wet- en regelgeving zich niet tegen differentiatie in vergoedingen en verstrekkingen. Het is bijvoorbeeld mogelijk om werknemers die “groen” reizen een hogere vergoeding te geven dan de overige werknemers. Zo’n differentiatie ligt echter doorgaans bij werknemers gevoelig.
- De werkgever kan ook anders dan door de vergoeding een gewenst vervoersbeleid faciliteren. Bijvoorbeeld door een aantal van de beschikbare parkeerplaatsen te reserveren voor werknemers die “groen” reizen. Of door de werknemer die bereid is te functioneren als chauffeur bij carpooling, tegemoet te komen in tijd en kosten.
- Collectief bedrijfsvervoer wordt in de praktijk vaak ingezet als een bedrijf of bedrijfsterrein een tijd minder goed bereikbaar wordt. Er zijn voorbeelden van samenwerking met OV-bedrijven. Ook is denkbaar dat een bedrijfsbusje gebruik maakt van de busstroken.
- In de praktijk zien we vaak een combinatie in het bedrijfsbeleid van groen reizen en gezond leven. Het stimuleren van de fiets als vervoermiddel past in beide beleidsterreinen. Bij werknemers ligt beïnvloeding door de werkgever van de eigen leefwijze doorgaans gevoelig.
- Voor ondernemingen die de Werkkostenregeling (WKR) toepassen: Een persoonsgebonden budget (PGB) waaruit de werknemer onder meer groener of efficiënter reizen financiert kan onbelast worden gegeven zolang de werkgever in totaal de forfaitaire ruimte van 1,4% van de loonsom niet overstijgt. Daarnaast geldt voor ondernemingen die de WKR toepassen dat de fiscale fietsregeling niet meer van toepassing is.
Voorbeelden van cao-afspraken
Terughoudendheid in verstrekken leaseauto’s
De werkgever zal leaseauto’s alleen ter beschikking stellen aan werknemers voor wie het gebruik van een leaseauto aantoonbaar financieel voordeel biedt boven andere wijzen van vervoer.
Leaseauto’s en eigen auto’s uitbannen
Bij voorkeur vindt al het zakelijk verkeer plaats met het openbaar vervoer. Indien gebruik van het openbaar vervoer tot ernstige en aantoonbare inefficiëntie leidt, stelt de werkgever een bedrijfsauto ter beschikking.
Uitsluitend “groene” auto’s leasen
De werkgever zal uitsluitend leaseauto’s ter beschikking stellen die voorzien zijn van een A-, B- of C- label. (Resp. een CO2 uitstoot hebben van 120 gr/km of minder).
Leaserijders ook OV-vergoeding
Medewerkers aan wie een leaseauto ter beschikking is gesteld komen ook in aanmerking voor vergoeding van gemaakte reiskosten, indien voor dienstreizen (zakenreizen) gebruik gemaakt wordt van het openbaar vervoer.
OV volledig vergoed 1
In deze variant schiet de werknemer de kosten voor, en krijgt dat op declaratiebasis (“bonnetjes”) vergoed.
De werknemer ontvangt maandelijks een volledige vergoeding van de kosten woon-werkverkeer indien hij reist met het openbaar vervoer.
OV volledig vergoed 2
In deze variant betaalt de werkgever direct en is er geen gedoe met bonnetjes
De werknemer die gebruik maakt van het openbaar vervoer voor het woon-werkverkeer kan een abonnement aanvragen. De werkgever draagt zorg voor het abonnement, dat wordt samengesteld aan de hand van de snelste wijze waarop van het huisadres naar de standplaats kan worden gereisd. De kosten van het abonnement zijn voor de werkgever.
OV volledig vergoed, tevens vergoeding woon-werkverkeer op de fiets, vergoeding gebruik eigen auto op basis OV
De werknemer ontvangt maandelijks een vergoeding voor zijn woon-werkverkeer, gebaseerd op de laagste klasse van het openbaar vervoer. De vergoeding is onafhankelijk van de wijze van vervoer.
Goedkope lening voor de aanschaf van een groene auto
Wanneer een medewerker een auto wil kopen die een CO2 uitstoot heeft van 120 gr/km of minder, bestaat de mogelijkheid om via de werkgever een lening af te sluiten tegen een verlaagd rentetarief.
Hogere vergoeding voor groene vervoermiddelen
Indien de werknemer geen gebruik maakt van de regeling voor vergoeding van reiskosten met het openbaar vervoer verstrekt de werkgever een tegemoetkoming in de reiskosten voor het woon-werkverkeer. Deze vergoeding bedraagt:
- € 0,19 per kilometer indien gebruik gemaakt wordt van de fiets of een gemotoriseerd vervoermiddel dat een CO2 uitstoot heeft van 120 gr/km of minder
- € 0,16 per kilometer indien gebruik gemaakt wordt van een vervoermiddel dat een CO2 uitstoot heeft van meer dan 120 gr/km.
BusinessCard
Werknemers die zakelijk reizen kunnen gebruik maken van een door de werkgever ter beschikking gestelde NS BusinessCard (resp. MobilityCard).
Trappers
Medewerkers die de fiets gebruiken voor het woon-werkverkeer krijgen minimaal vier trapperspunten per fietsdag volgens de volgende tabel:
Woon-werkafstand in |
| Aantal Trappers |
| Bonus Trappers |
| Bonus Trappers |
|---|---|---|---|---|---|---|
0.00 - 1.49 | 4 | 0 | 0 | |||
1.50 - 2.49 | 6 | 1 | 2 | |||
2.50 - 8.49 | 8 | 2 | 3 | |||
8.50 - 12.49 | 10 | 3 | 4 | |||
12.50 - 19.49 | 12 | 3 | 4 | |||
19.50km en meer | 15 | 3 | 4 |
Trapperspunten worden omgezet in waardepunten, waarmee de werknemer spaart voor een beloning naar keuze.
Noot: Zie www.trappers.net
Fietsregeling 1 (Voor bedrijven waar de WKR nog niet van toepassing is)
In deze variant is de fiets eigendom van de werknemer.
De werkgever kent een Fietsenplan. De werknemer die daaraan deelneemt kan een fiets aanschaffen met een fiscaal voordeel. De betaling van de fiets door de werknemer gebeurt uit het brutosalaris, resp. de 13e maand, de bovenwettelijke vakantieuren, de overwerktoeslag, de inconveniënte urentoeslag.
Fietsregeling 2 (Voor bedrijven waar de WKR nog niet van toepassing is)
In deze variant blijft de fiets van de werkgever.
De werkgever kent een Fietsenplan. De werknemer die een fiets wil gebruiken voor het woon-werkverkeer krijgt van de werkgever een fiets tot zijn beschikking.
Fietsregeling 3 (Voor bedrijven waar de WKR van toepassing is)
In deze variant is de fiets eigendom van de werknemer.
De werkgever kent een Fietsenplan. De werknemer die daaraan deelneemt kan een fiets aanschaffen, waarbij de waarde van de fiets belast is bij de werkgever. De betaling van de fiets door de werknemer gebeurt uit het brutosalaris, resp. de 13e maand, de bovenwettelijke vakantieuren, de overwerktoeslag, de inconveniënte urentoeslag.
Gegarandeerde parkeerplekken voor carpoolers
Medewerkers die carpoolen kunnen met behoud van de algemene vergoedingsregeling woon-werkverkeer, telkens voor een periode van één jaar, gebruik maken van gereserveerde carpoolplaatsen op het parkeerterrein van het hoofdkantoor.
Het mobiliteitsbudget
Dat is een budget dat de werknemer naar keuze in kan zetten voor vervoersmiddelen.





