Flexibele werktijden
De term flexibele werktijden kan aarzelingen oproepen. Deze aarzeling komt voort uit het beeld dat flexibilisering van werktijden vooral betekent dat medewerkers moeten gaan werken op momenten dat het de werkgever goed uitkomt. En of dit beeld nu klopt of niet, de essentie van flexibele werktijden is er wel mee aangegeven: werktijden en zeggenschap. Uitgangspunt moet zijn dat flexibele werktijden alleen kunnen worden toegepast als de medewerker voldoende zeggenschap heeft over deze werktijden.
Aandachtspunten
Voordelen van flexibele werktijden:
- Meer individuele zeggenschap van werknemers over hun arbeidstijden leidt over het algemeen tot een grotere mate van werktevredenheid.
- Flexibele werktijden kunnen bijdragen aan een goede balans tussen werk en privé.
- Flexibele werktijden bieden de mogelijkheid om de filedrukte te vermijden. Voor of na de files reizen verkort de reistijd en is bovendien beter voor het milieu (minder co2 uitstoot).
Nadelen van flexibele werktijden:
- Als de individuele zeggenschap van medewerkers niet goed geborgd is kan dit leiden tot een verlaging van de werktevredenheid.
- Uit onderzoek is gebleken dat medewerkers die hun eigen tijd mogen indelen vaak meer uren werken dan nodig. Het is daarom belangrijk om een goede urenverantwoording bij te houden.
- Doordat er geen vaste arbeidstijden meer zijn is het lastiger om juist die collega te spreken die je nodig hebt. Deze problemen kunnen worden ondervangen door bijvoorbeeld te werken met een systeem van bloktijden (uren, dagdelen of dagen waarbij iedereen wordt geacht aanwezig te zijn)
Voorbeelden van cao-afspraken
Glijdende aanvangs- en eindtijden
- Variabele regeling met bloktijden
Voor medewerkers gelden flexibele werktijden; er geldt echter een bloktijd van 10.00 –14.00 uur waarbinnen men in ieder geval aanwezig zal zijn. - Variabele regeling met gemaximeerde aanvangstijden
De normale arbeidsduur bedraagt 40 uur per week, verdeeld over maandag tot en met vrijdag tussen 07.30 uur tot 18.00 uur. Iedere medewerker wordt geacht om uiterlijk 09.30 uur aanwezig te zijn. De lunchpauze bedraagt een half uur en valt buiten de normale werktijden. De werktijden worden schriftelijk overeengekomen tussen de medewerker en de direct leidinggevende, waarbij als de functie het toelaat, afwijkingen van de hierboven genoemde werktijden mogelijk zijn.
Flexibilisering van de werktijd over een langere periode
- Planning en opstellen van de roosters: in overleg tussen werkgever en medewerker wordt de planning opgesteld; de werkgever en de medewerker geven ruim van tevoren (liefst voorafgaand aan het nieuwe jaarrooster, maar minimaal 28 dagen van tevoren) hun planningswensen en beschikbaarheid aan; minimaal 28 dagen van tevoren kunnen vervolgens mutaties in het rooster worden doorgegeven.
- Referteperiode (de periode die wordt gehanteerd om te bepalen of er sprake is van plus-min uren): 12 maanden, waarbij de werkgever zelf kan bepalen of dit met het kalenderjaar samenvalt of dat deze periode bijvoorbeeld van 1 februari tot 31 januari van het volgende jaar loopt.
- Contract en salaris: medewerkers hebben een contractueel basisdienstverband met bijbehorende arbeidsuren en een overeenkomstig maandelijks vast salaris.
- Plus-/Minuren: plus- en minuren worden in principe verrekend in de vorm van tijd voor tijd, tenzij het gerealiseerde totaal aantal plus- of minuren op jaarbasis meer dan 10% afwijkt van de contractuele arbeidsuren per jaar. In dat geval worden de plus-/minuren boven de norm van 10% gewaardeerd tegen een tarief van 133,33% van het reguliere uurtarief. Als er na 12 maanden plusuren zijn, kunnen deze worden uitbetaald of als vrije uren worden meegenomen naar het volgende jaar. Minuren worden in overleg verwerkt in de planning voor het volgende jaar.
Verdeling arbeidstijd
- De standaard arbeidsduur bedraagt gemiddeld 36 uur per week.
- Voor de invulling van het daadwerkelijke arbeidsrooster geldt dat de medewerker in overleg met zijn/haar leidinggevende een keuze maakt uit de volgende varianten:
- 40 uur werken en 26 werktijdverkortingsdagen inroosteren;
- 36 uur werken door 4 dagen à 9 uur;
- 36 uur werken door 4 dagen à 8 uur en 1 dag à 4 uur;
- per twee weken 9 dagen werken van gemiddeld 8 uur;
- 36 uur werken per week door 4 dagen à 8,5 uur en op jaarbasis 12 terugkomdagen inroosteren. - De medewerker kan jaarlijks een voorstel indienen voor wijziging van/zijn haar rooster.
- De medewerker moet uiterlijk in de maand november voorafgaand aan het jaar waar de roosterwijziging betrekking op heeft een verzoek daartoe indienen bij zijn/haar leidinggevende.
- In beginsel wordt het verzoek van de medewerker gehonoreerd. Indien bedrijfsomstandigheden inwilliging van het verzoek niet toestaan, zal dit schriftelijk en met redenen omkleed aan de medewerker worden medegedeeld.
- De medewerker kan binnen drie weken in beroep gaan bij de Beroepscommissie van de Ondernemingsraad. Voordat advies wordt uitgebracht zullen beide partijen worden gehoord; de Beroepscommissie brengt binnen drie weken advies uit.
Zelfroosteren
Voorbeeld voor een kantoororganisatie:
- De gebruikelijke werktijden zijn maandag tot en met vrijdag tussen 7.00 uur en 21.00 uur en zaterdag tussen 8.00 uur en 17.00 uur.
- Bij het vaststellen van de werktijd van de medewerker wordt gestreefd naar een goede balans tussen het belang van het individu, het team en de organisatie.
- Minimaal een keer per jaar worden de werktijden en de gewenste bezetting tijdens het werkoverleg in het team besproken. Daarna wordt de individuele werktijd vastgesteld in overleg met de leidinggevende.
- De werktijd van de medewerker ligt vervolgens vast in een rooster van minimaal een kwartaal en maximaal een jaar.
- Vrije tijd wordt ten minste in halve dagen ingeroosterd.
- De medewerker kan uit de volgende roosters kiezen, behalve als dit organisatorisch niet mogelijk of zinvol is:
- een halve vrije dag per week;
- een vrije dag per twee weken;
- een vierdaagse werkweek van vier maal negen uur;
- variaties hierop. - Als de zaterdag als werkdag is ingeroosterd, heeft de medewerker recht op een vrije maandag direct volgend op die zaterdag.
- Als de ingeroosterde verloftijd samenvalt met een feestdag, ontstaat geen aanspraak op vervangende vrije tijd. Bij het inroosteren wordt voorkomen dat de medewerker hierdoor onevenredig wordt benadeeld.





